Het ultieme wapen

-horrorverhalen
-een kruistocht tegen de psychiatrie
-antipsychiatrie
-primitief complotdenken
-satanisch getinte hetze
-een verraderlijke sprookjeswereld
(Esther van Fenema in The Post Online)

Al deze termen heeft psychiater Esther van Fenema nodig om haar publiek te vertellen dat onderzoeker Peter Gøtzsche iets heel gevaarlijks doet. En ze heeft er niet genoeg aan, want halverwege haar artikel schrijft ze dat er sprake is van een “vijandige en paranoïde stellingname”.

De kritiek op de hedendaagse biologische psychiatrie bloeide tot voor kort in het verborgene. Hij komt vooral van (ex-)cliënten. En die zijn kwetsbaar. Want Peter Gøtzsche zou waarschijnlijk glimlachen als hij wist dat dokter Van Fenema zo hard tegen hem tekeer ging. Hij is meer een man van de statistiek. En hij heeft een gelijkwaardige positie, want hij is zelf ook medisch specialist. Maar voor een cliënt zijn de diagnostische termen die Van Fenema gebruikt levensgevaarlijk. De psychiatrie is namelijk geen “gewoon medisch vak”. Het is het enige specialisme waar de macht die dokters kunnen uitoefenen vrijwel onbegrensd is. Normaalgesproken mag je elke medische behandeling weigeren. Je hoeft niet eens uit te leggen waarom. Maar als een psychiater jou “vijandig en paranoïde” noemt, is al bijna voldaan aan wat in vaktermen het gevaarscriterium wordt genoemd. En hoewel uit onderzoek is gebleken dat psychiaters gevaar niet beter kunnen voorspellen dan leken, hebben ze heel wat mogelijkheden om het te bestrijden. Zoals opsluiting, gedwongen medicatie en het hele politieapparaat.

Het is mijn bescheiden mening dat professionals in de geestelijke gezondheidszorg geen woorden als “paranoïde” zouden moeten gebruiken om een collega te bekritiseren. Ze zouden ook geen bekende Nederlander moeten diagnosticeren in een krantencolumn. Of een ziektebeeld moeten plakken op Einstein, Nietzsche of Hilary Clinton. Het ultieme wapen kun je namelijk maar één keer gebruiken. En als je dat gedaan hebt, sta je met lege handen in de arena.

NB: Vanavond heb ik met veel belangstelling de boekpresentatie van Peter Gøtzsche in De Balie bekeken. Daarover binnenkort meer.

 

Advertenties

6 gedachtes over “Het ultieme wapen

  1. Nooit zal ik begrijpen hoe een systeem met deskundigen van allerlei pluimage wat allemaal in een andere richting wijst mensen kan helpen genezen van een psychische ziekte. Zelfs de bewering dat ze een chirurgisch haarfijne analyse kunnen maken van de manier waarop je persoonlijkheid in elkaar steekt door middel van al hun kennis, ervaring , lijsten, scans, fylosofische excercities, vergelijkingen tussen patiënten en groepen enz is betrekkelijk want ze zien en ervaren je alleen in een specifieke situatie. Ze zijn er niet bijgeweest hè, bij al je levensomstandigheden en ze kennen je niet zoals de mensen om je heen. Ik denk niet dat het allemaal onzin is. Heel vervelend moet je soms bij jezelf erkennen dat ze rake dingen benoemen die je misschien wel van jezelf wist maar liever niet van jezelf wilde weten. Bepaalde waarheden kunnen ook hard zijn. Maar wat ze vooral benoemen zijn je negatieve kenmerken. Echt aandacht voor het hele verhaal is er niet, terwijl het m.i toch echt naast kwetsbaarheid ontstaat in een heel , persoonlijk, verhaal. Uiteindelijk ervaart niemand een ander van binnen. Ze zeggen dat de relatie met de therapeut eigenlijk het enige werkzame bestanddeel is, en dat het verder niet zo veel uitmaakt welke therapie je krijgt. Psycholoog jan Derksen noemt de ggz psychologen een stelletje knutselaars. En hij zegt dat therapie alleen werkt als je ook met emoties werkt. En die zijn natuurlijk weer gerelateerd aan je verhaal. Maar emoties doorleven is pijnlijk, en een dempend pilletje is zo voorgeschreven. En de samenleving beïnvloeden in mensvriendelijker richting lukt ook nog niet. Men zegt wel eens dat we onze eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. Dat klinkt krachtig en is waar. Maar voor overbelaste niet gezond gevormde mensen heel moeilijk soms omdat alles drie keer zoveel moeite kost. Ik moet wel zeggen dat ik na mijn eigen ervaringen en alles wat ik hoor en lees neig de psychiatrie wat te demoniseren. De meeste hulpverleners zullen het goed bedoelen en zijn vaak ook maar een speelbal in krachtenvelden net als iedereen. Wat dus het argument van eigen verantwoordelijkheid ontkracht want dat hangt altijd samen met het geheel, van naasten en werk tot het type samenleving. Hoe het moet? Geen idee. Ik kan me voorstellen dat een gelijkmatiger leven zonder veel prikkels en veranderingen meer gericht op samenwerking in herkenbaarheid der dingen in de natuur gezonder is voor velen. Maar zo wordt het niet meer. Ik probeer mijn eigen leven maar overzichtelijk te houden. Ik merk dat ik nu veel mensen weer aardig vind, dat is winst, maar ben zelf van binnen wel brij leeg achtergebleven. Maar dat kan ook op mijn stoornissen wijzen. Vriendelijk zijn lukt me ook beter maar naar hulpverleners kan ik echt niet mezelf zijn. Dan komen vooral mijn duistere kanten aan het licht omdat ik de psychiatrie niet vertrouw. Maar misschien heb ik er te veel van verwacht, dat kan. en k ben trots en eigenwijs, dat helpt de behandeling niet. Machtsverschil en bijbehorend gedrag verergert mijn terugvechtgedrag echter alleen maar. En daar heeft ook niemand wat aan.

    Like

    1. Bedankt voor je reactie, Karel. Ik herken veel zaken in je verhaal. Op dit moment lees ik “A war of nerves”, een boek van Ben Shephard over de geschiedenis van de psychiatrische behandeling van soldaten met shellshock. De succesvolle behandelaars in ’14-’18 maakten gebruik van hun dominante persoonlijkheid, hun kennisvoorsprong en magische technieken (elektriciteit, hypnose) om patiënten op te lappen. Wie gezond werd, ging terug naar de loopgraven. Het doel was niet om mensen te genezen. Het doel was om ze terug de oorlog in te krijgen.
      Hoewel de omstandigheden oneindig veel afschuwelijker waren dan nu, zie ik wel parallellen. Wat is het doel van een behandeling? Wat wil een hulpverlener eigenlijk bereiken? Ik heb in dat opzicht alleen vertrouwen in mensen die de filosofie van Rogers volgen. Daarin schept de therapeut het klimaat waarin een uniek kasplantje (!) tot bloei kan komen. Dat lijkt me een ideale situatie. De praktijk is meestal anders. Maar net als jij vind ik mijn ervaringen erg leerzaam. Ook de pijnlijke. Ik ben blij om te lezen dat je mensen weer aardig vindt. Dat lijkt me heel belangrijk.

      Like

  2. Ja, rogers gaat toch meer uit van een humanistisch concept? Dat sluit ook wel aan bij zoals ik de werkelijkheid zou willen zien. Voorlopig zie ik veel polarisatie en ambivalentie in een complexer wordende wereld waarin gemeenschappelijke kernwaarden waarvan mensen van nature, zonder kennis, gewoon goed zijn voor iedereen steeds meer op de helling komen te staan. Sommige mensen hadden de juiste objectvoorbeelden als kind al niet. Als dan blijkt dat veel autoriteiten in de samenleving ook niet de betrouwbare voorbeelden zijn die we nodig hebben omdat die personen en instanties de besluitmacht hebben, dan wordt het wel moeilijker, dan moet je proberen stevig in je schoenen te staan om in je eigen waarden te blijven geloven er er naar te blijven handelen. De veilige basis in een groter geheel wordt dan namelijk, ondanks materiële welstand, anders beleefd. Ikzelf heb wel weer voldoende steunpunten in wat mensen en dingen om me heen en weer mogelijkheden voor mijn overleving maar ook in mijn hoofd slaat de polarisatie verbrokkeling en ambivalentie regelmatig toe bij moeilijke kwesties. De media speelt ook niet de beste rol. We zijn allen kwetsbaar, het gevaar van projectie van eigen problemen op anderen zit ook in mij en is niet altijd terecht maar toch vind ik dat een samenleving een zorgkant moet hebben om mensen op te vangen op kwetsbare momenten. Dan is het veilig voor iedereen. En vanuit een basis kan iedereen groeien omdat je zacht land als het misgaat en niet in een bodemloze put stort. Om dit te realiseren zijn wij allen verantwoordelijk. Ik ook op mijn bescheiden dagelijkse schaal in eigen omgeving. Elkaar wat opvangen. Politiek en hulpverleningsinstanties kunnen beter de handen ineenslaan dan zich verliezen in competitie, status en belangenstrijd en overdetaillisme. Maar samenwerking in chaos is blijkbaar complex, de slechtste kanten komen in mensen boven. Hebben we deze leiders over onszelf afgeroepen of is er wat anders aan de hand in de menselijke onderlaag, want de geschiedenis herhaalt zich steeds, we leren er niet veel van lijkt het. Gunther wallraf geeft in zijn boek’ heerlijke nieuwe wereld’ een realistische beschrijving tot wat voor uitwassen de neoliberale samenleving kan leiden. Ik vraag me zelfs wel eens af of juist dit concept extremisme mede in de hand werkt, doordat hele groepen stelselmatig achtergesteld worden in de wereld en in verzet komen. Niet als excuus voor hun gedrag maar als mogelijk deel van een verklaring. De humanistische middenkoers zie ik als beter alternatief maar niemand weet nog hoe de toekomst zal zijn. Ik houdt mijn politieke kleur maar in het midden tot die tijd.

    Like

    1. Ja, dat klopt. Rogers was een echte humanist. Ik heb nooit goed begrepen waarom dat geen herkenbare politiek-filosofische stroming is geworden. Misschien is het niet polariserend genoeg (dat meen ik serieus).
      Het is in elk geval precies het tegenovergestelde van het neoliberalisme. Soms denk ik dat we het hier in het Westen lange tijd prima hebben gevonden dat mensen in verre landen voor weinig geld onze spullen maakten. En nu gaan we zo’n tweedeling op de arbeidsmarkt van heel dichtbij zien. Dat is confronterend. Misschien is het ook een aanzet tot verbeteringen. Maar van de politiek heb ik in dat opzicht weinig verwachtingen. Ik heb nog nooit een politicus met een lange-termijnvisie gehoord. Dat zou ook weinig zin hebben, want achter de verkiezingen ligt het zwarte gat. De waan van de dag regeert en de tweet heeft de plaats ingenomen van het verkiezingsprogramma, dat overigens ook een A-4tje vol vrome wensen was.
      Polarisatie en ambivalentie beschrijven volgens mij heel goed wat er aan de hand is. Misschien zouden dat de “woorden van 2016” moeten zijn.

      Like

  3. Ja, het zou kunnen dat humanisme te gladstrijkend is, te weinig kleur bekend dus wat utopisch overkomt omdat het te mooi is om werkelijk te zijn. Te gelijkmatig en saai en levenloos voor velen. De paradox van liefde rust en evenwicht zoeken tegenover de behoefte aan spanning strijd en macht maakt dat het ook maar weer een beperkte visie op de werkelijkheid is. De schaduw, zoals jung beschreef, hebben wij allen. Ik merk aan mezelf als ik die ontken dat die juist op gaat spelen. De kunst is er op een onschadelijke manier richting aan te geven, het ventiel af en toe open te zetten. Das altijd even zoeken naar de juiste manier. Het schadebeginsel vind ik belangrijk, jezelf de vrije ruimte gunnen maar anderen niet schaden. Gaat weleens mis door de projectie, maar we zijn maar mensen. Gelukkig heb ik nog een geweten en ken ik schuld en schaamte, dat beschermd wat. Ik las onlangs dat dingen soms eerst heel zwart wit gezegd moeten worden om het grijze midden weer te bereiken. Ik denk dat dat goed kan zijn, mits het te bereiken doel altijd het feitelijke uitgangspunt blijft, anders gaan de chaos en de waan van de dag overheersen. En net dat laatste is zo moeilijk, allereerst bewust worden van persoonlijke doelen maar ook vertrouwen hebben en houden in de doelen van anderen. Die zijn, naarmate het geheel groter wordt, steeds minder transparant. Dan kan het gezond zijn jezelf daaruit wat terug te trekken ter zelfbescherming, het is veelal niet je persoonlijke schuld en staat buiten je directe invloedssfeer. Daarbinnen staat toch uiteindelijk meestal veel minder dan je denkt. Je probeert wat, hoopt op het beste, maar het kan evengoed verkeerd uitpakken. Het moet ook allemaal niet te geforceerd worden, dan slaat alles dood. Het moet binnen menselijke bandbreedtes blijven denk ik. Te weinig wordt depressie teveel wordt manie of borderline wispelturigheid. Probleem bij psychische stoornis is vaak het ontbreken van een gezonde basis in het zelf. In die gevallen is een gezonde omgeving van laag tot hoog nog relevanter dan voor de meer zelfredzamen. En net op dat punt, gezonde basis leggen, moeten de maatschappelijke instanties in actie komen en de politiek. En versnipperde instanties leiden tot versnipperde mensen die daar juist hulp zochten omdat ze versnipperd waren geraakt. Hierin zie ik nog veel falen. Ik wil best naar mezelf en mijn onvolkomenheden kijken maar dan mag ik verwachten dat instanties en hulpverleners dat ook doen. Als ze gelijkwaardigheid en openheid uitdragen moeten ze er ook naar handelen. Allemaal. Maar niets menselijks is hun vreemd. En daarom werkt het volgens mij vaak helemaal niet. Zelf kan je dan niet meer weten wat bij wie ligt als het niet werkt. Maar de verwarring is wel geschied.

    Like

    1. Je noemt een heel interessant punt: openheid van instanties en hulpverleners. Ik denk dat Freud de aanzet heeft gegeven om alle problemen bij de patiënt te leggen. De analyticus had misschien zijn eigen issues, maar de patiënt was de laatste aan wie hij dat zou laten merken.
      Er zijn veel hulpverleners die hun menselijkheid verbergen achter een professionele, optimistische, demente-bejaardenverzorgershouding. En instanties staan (in mijn ervaring) helemaal niet open voor kritiek. Zelfs niet als daardoor onveilige situaties ontstaan.
      Ik lees een boek van Edward Podvoll. Hij is een Amerikaanse psychiater die zich heeft laten inspireren door het Tibetaanse boeddhisme en door het heel aandachtig bestuderen van mensen met psychotische ervaringen. In zijn hele tekst merk je, dat hij uit ervaring spreekt.
      Een belangrijk onderdeel van zijn visie is dat er bij mensen in de war altijd sprake is van wat hij “islands of clarity” noemt. Momenten van inzicht in de situatie. Momenten van contact met de werkelijkheid buiten de chaos in het eigen hoofd. Hij leidt daaruit af dat er in de kern van alle mensen een wezenlijke gezondheid aanwezig is. Psychofarmaca, dwangmiddelen en opsluiting verstoren het proces waar mensen in zitten. Ze maken de concentratie nog moeilijker en bemoeilijken daarom de genezing. Podvoll denkt dat het onverstandig is om mensen die in een crisis verkeren in groepen op te nemen. Hij stelt zich voor dat er een huiselijke omgeving is, gericht op de opvang van één cliënt. Door het deelnemen aan aardse, dagelijkse activiteiten als eten en drinken, slapen, opruimen, koken en schoonmaken en door een goed dieet en voldoende lichaamsbeweging heeft hij mensen de kans gegeven om hun eigen herstelproces te doorleven. De rol van de therapeut/begeleider/huisgenoot is het aanwezig zijn bij de cliënt.
      Ik schrijf dit allemaal op omdat Podvoll zegt dat het omgaan met mensen in deze situatie enorm confronterend is voor hulpverleners. Volgens hem kun je niet werkelijk aanwezig zijn bij mensen in een crisis zonder geconfronteerd te worden met je eigen problemen, chaos en onmacht. En hij denkt niet, dat therapeuten daar in intervisie mee om moeten leren gaan, maar dat ze er open over moeten zijn. Er ontstaat dus een ontmoeting tussen de cliënt-als-mens en de therapeut-als-mens.
      Podvoll denkt, dat deze aandachtige en zorgzame opvang van mensen met problemen een genezende werking heeft voor alle betrokken. De omgeving ‘geneest’ dus mee.
      Ik zou het geweldig vinden als er meer mensen gaan experimenteren met dit soort modellen, al denk ik dat het in de huidige, geprofessionaliseerde en commerciële samenleving heel moeilijk is om zoiets op te zetten. Volgens mij is een vorm als deze het enige echte antwoord op de versnippering waarover jij spreekt.

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s